75 jaar Spar

Van Zegwaart tot Beijing

Titel: 75 jaar Spar: Van Zegwaart tot Beijing
Auteurs: Drs. A.J.C. Vermeulen, Drs. Ing. Marieke van Helvoort-Segerink
Uitgeverij: A.J.M van Well, Rotterdam
Omvang: 184 pagina's, 30x40cm, gebonden in harde kaft
Illustraties: Ruim 100 afbeeldingen in kleur
Prijs: € 22,50

Sparwinkels sieren al 75 jaar menige winkelstraat, niet alleen in Nederland maar ook in het buitenland, tot in China toe. Weinig mensen weten dat de bakermat van de Spar in Zoetermeer ligt. Adriaan van Well ging daar in 1932 als eerste grossier samenwerken met zestien van zijn klanten, allen zelfstandig kruidenier. Die samenwerking wierp zijn vruchten af in de donkere jaren van de economische crisis. Andere grossiers en winkeliers sloten zich aan en aan het eind van de jaren 1930 waren er meer dan 2000 leden. Overal verscheen het bekende en nog steeds gehanteerde logo op de winkelgevels: een frisse groene spar.

De winkeliers waren geheel zelfstandig en konden gemakkelijk op nieuwe ontwikkelingen in spelen. Daardoor kwamen zij sterk uit de Tweede Wereldoorlog, beter dan de filiaalhouders van Albert Heijn en De Gruyter. De jaren 1950 en 1960 lieten een enorme groei zien. Maar de grossiers hadden moeite om met elkaar samen te werken en na 1985 kwam de Spar in handen van Schuitema, die de winkels liet ombouwen tot C1000, en van Unigro. Pas in 2001 wist de Spar weer zelfstandig te worden onder de vleugels van de Sperwergroep. Nu werken ongeveer 320 zelfstandige winkeliers hard aan de ontwikkeling van hun kleinere of middelgrote Spar supermarkten, in nauwe samenwerking met hun Sparorganisatie.


Vanuit het hoofdkantoor in Amsterdam is de internationale Sparloot van het bedrijf uitgezaaid over 33 landen met in totaal 15.000 winkels. De groene spar komt de argeloze Nederlander overal ter wereld tegen. Dichtbij in Duitsland, Oostenrijk en België, maar ook in Zuid-Afrika en China. Met recht kan de Spar zeggen dat zij de grootste 'kruidenier' ter wereld is. De winkeliers waren geheel zelfstandig en konden gemakkelijk op nieuwe ontwikkelingen in spelen. Daardoor kwamen zij sterk uit de Tweede Wereldoorlog, beter dan de filiaalhouders van Albert Heijn en De Gruyter. De jaren 1950 en 1960 lieten een enorme groei zien. Maar de grossiers hadden moeite om met elkaar samen te werken en na 1985 kwam de Spar in handen van Schuitema, die de winkels liet ombouwen tot C1000, en van Unigro. Pas in 2001 wist de Spar weer zelfstandig te worden onder de vleugels van de Sperwergroep. Nu werken ongeveer 320 zelfstandige winkeliers hard aan de ontwikkeling van hun kleinere of middelgrote Spar supermarkten, in nauwe samenwerking met hun Sparorganisatie. Vanuit het hoofdkantoor in Amsterdam is de internationale Sparloot van het bedrijf uitgezaaid over 33 landen met in totaal 15.000 winkels. De groene spar komt de argeloze Nederlander overal ter wereld tegen. Dichtbij in Duitsland, Oostenrijk en België, maar ook in Zuid-Afrika en China. Met recht kan de Spar zeggen dat zij de grootste 'kruidenier' ter wereld is.

Op initiatief van de zoon van oprichter Adriaan van Well is 75 jaar Spar in een prachtig geïllustreerd en vormgegeven boek samengebracht. Ruim 180 pagina's in de Sparkleuren groen en rood geven in woord en beeld een verslag van de ontwikkelingen van een organisatie waarin winkeliers samenwerken met hun grossiers, in een tijd dat de winkel met toonbank langzaam plaats maakte voor de supermarkt. En de Klant bleef Koning. Het boek ziet er zeer verzorgd uit en leest prettig. Er is gekozen voor een wat groter lettertype, wat het lezen ook voor ouderen een stuk aangenamer maakt. In het eerste deel van het boek (1932-1950) duiken de auteurs in de ontstaansgeschiedenis van de buurtsuper. Op een van de foto's zien we de heer van Well trots voor een GMC-vrachtwagen van de Spar poseren. Deel 2 bespreekt de periode 1950- 2007. Doordat hierbij een aantal mensen geïnterviewd zijn, heeft het tweede deel van het boek een ander karakter dan deel 1. De vele afbeeldingen van winkelpanden, levensmiddelen en advertenties uit deze periode spreken erg tot de verbeelding en roepen vele malen de herinnering aan toen op.

Uiteraard is het onmogelijk de volledige historie van de Sparhistorie in een boek te beschrijven. Auteurs hebben zich daarom beperkt tot het grossiersbedrijf van van Well, en het ontstaan van de landelijke en internationale Spar. Het hele boek ademt echter de sfeer van een vrijwillig filiaalbedrijf, waarbij de trots en enthousiasme van de winkeliers steeds weer opvalt. Grappig detail is dat juist nu het boek is verschenen er weer vergevorderde plannen zijn een aantal Sparfilialen te openen op het platteland waar de vraag naar de buurtsuper steeds groter wordt nu bijna alle kleine zelfstandigen door de prijzenoorlog zijn verdwenen.

Zeker gezien de vriendelijke prijs van € 22,50 haalt u voor weinig geld een stuk historie in huis dat zeker in elke boekenkast hoort van iedereen die een band heeft met het verleden. Ook al spreekt de Spar u minder aan omdat u uw boodschappen altijd bij de Centra, Vivo of Vendet haalde, dat is het boek een tijdmachine terug naar de jaren dat geluk nog heel gewoon was. Hieronder treft u nog een aantal illustraties aan, deels uit het boek en deels uit eigen archief van uw recensent.

Ruurd Berendes
Boekrecensies

Het boek '75 jaar Spar, van Zegwaart tot Beijing' is te verkrijgen bij de Zoetermeerse boekhandel, in het Stadsmuseum en bij het Historisch Genootschap Oud Soetermeer, ook via Historisch Genootschap Oud Soetermeer www.oudsoetermeer.nl, info@oudsoetermeer.nl en bij Ton Vermeulen, een van de auteurs), info@fluitschip.nl, tel. 06-23 27 98 68.


Hieronder een samenvatting geschreven door de auteurs van het boek zelf.

75 jaar SPAR, samenvatting

Het Hollandse tweelingdorp Zoetermeer-Zegwaart stond rond 1930 vooral bekend als boterdorp. Een zestigtal boterboeren reisden de omliggende steden af om huis aan huis hun zuivel te verkopen. Volgens de stedelingen lag het dorp er idyllisch bij: een wereld waar je even op adem kon komen, zonder moorddadige automobielen en motorfietsen en met geboende stoepjes en hagelwitte gordijntjes voor de ramen. Toch had het dorp al 4500 inwoners en een groot aantal mensen werkte in de handel en de nijverheid. Een van die handelaren was grossier in levensmiddelen Adriaan J.M. van Well. Zijn opa had zich al in 1880 in Zegwaart gevestigd en breidde zijn handel in wijn en gedistilleerd uit met kruidenierswaren. Zoon Louis nam in 1894 de zaak over en blijkbaar boerde hij zo goed dat er geld beschikbaar kwam voor andere investeringen: woningen, pakhuizen in Rotterdam en zelfs een aardewerkfabriek in Hazerswoude langs de Oude Rijn. Uiteindelijk moest hij in de jaren 1920 alle bezittingen verkopen. De winkel en groothandel gingen over naar zijn zoon Adriaan.

Misère
Adriaan J.M. van Well trouwde als 1,82 meter lange 26-jarige met Bertha Wubben. Haar vader had de middelen om de droom van zijn schoonzoon te laten uitkomen, namelijk de grossierderij uitbouwen. Een jaar na hun huwelijk begon in 1926 de bouw van een groot pakhuis achter op het erf van hun woonhuis en winkel aan de Dorpsstraat in Zegwaart. De beurskrach van 1929 veranderde echter de positieve kijk op de economie. De werkloosheid steeg, de omzetten van zijn klanten de kruideniers daalden. Het grootwinkelbedrijf en de coöperaties groeiden snel en namen bij hem geen goederen af. Veel zelfstandige kruideniers kochten soms bij zes grossiers, vaak op de pof, en tweewekelijks voor niet meer dan fl. 16. Adriaan liet zich wel eens ontvallen: 'Van de ene helft van mijn klanten kan ik niet slapen, omdat ze niet betalen. Van de andere helft kan ik niet eten, omdat ze zulke lage prijzen bedingen'.

Vrijwillig filiaalbedrijf
Adriaan zocht andere wegen om het hoofd van zijn klanten en daarmee de zijne boven water te houden. Gefascineerd was hij door Henry Ford die samenwerkte met dealers en tegelijk een goede service kon geven, maar de levensmiddelenbranche zat anders in elkaar. De oplossing kwam toen hij in een artikel van J. ten Doesschate las over de 'voluntary chains', de vrijwillige filiaalbedrijven, waarvan de IGA in de USA het grote voorbeeld was. Grossiers en kruideniers werkten daarbij samen: gezamenlijke inkoop, lagere kosten en meer tijd voor de verkoop. Na eerst een vragenlijst aan zijn belangrijkste klanten te hebben gestuurd, nodigde Adriaan van Well ze op een avond uit. Zestien van hen werden overgehaald samen te gaan werken met hun grossier en op 1 juli 1932 was De Spar geboren.

Groei tegen de verdrukking in
De eeuwig groene spar stond voor de voorspoed van organisatie en haar leden, maar zo eenvoudig ging het niet in het begin. Collega-grossiers zagen Van Well als verrader en Adriaan en de grossiers die meegingen in De Spar werden uit de Grossiersbond geweerd. Fabrikanten luisterden naar de andere grossiers, vreesden een nieuw machtsblok en weigerden produkten te leveren. Maar tegen alle tegenwerking in stegen de omzetten van de Spargrossiers en het aantal leden-kruideniers werd groter. De besturen van de diverse rayons, waar een grossier de leider was, kweten zich gewetensvol van hun taken, maar enthousiast werden ze vooral als ze zich bezighielden met belangrijk onderdeel van hun kruideniersvak, namelijk inkopen. Onder het genot van een sigaar werd langdurig vergaderd over de beste en goedkoopste lucifers, Patria en Victoria kaakjes, Koopmans meel, Persil en Dobbelmanzeep, haringen en Sunlight. Unilever was de kwaaie pier in de jaren 1930: die had zich erg negatief opgesteld en had bovendien ook nog eigen winkels, waardoor de meeste Sparbestuurders geen goederen van Unilever wilden betrekken. De winkeliers werden telkens aangespoord in te kopen bij De Spar, gezamenlijke reclame te voeren en De Spar uit te dragen. Het grootwinkelbedrijf als De Gruyter en Albert Heijn werd daarbij gezien als de gevaarlijke concurrent voor de zelfstandige kruideniers.

Samenwerkende grossiers
Al snel na de oprichting sloten zich andere grossiers bij Van Well aan, totdat bijna heel Nederland met uitzondering van Limburg door veertien rayons werd gedekt. In 1935 richtten ze samen de NV Spar Centrale op, die in Amsterdam werd gevestigd. Van Well bracht merknaam De Spar in en kreeg daarvoor een percentage van de omzet en hij werd president-commissaris. De grossiers vergaderden regelmatig en behalve de algemene belangen waren ze net als in de rayons het meest op dreef als er over de inkoop werd gesproken, al ging dat dan over grotere partijen: 185.000 blikken busgroenten, 25.000 busjes cacao, 50.000 kilo exquise zeep van Dobbelman en 7000 emmers en dweilen. Ook werkten ze aan de gezamenlijke reclame, zoals die van de serviezen, waarvan de consument er meer dan 30.000 stuks bij elkaar spaarde. Zegels werden geïntroduceerd als antwoord op de prijskortingen van de grootwinkelbedrijven. In 1934/35 kwamen landelijk de eerste produkten onder de Sparnaam, zoals koffie, jam, bonbons en busgroenten. De vele losse artikelen werden afgewogen en in papieren zakken verpakt met naam en logo van De Spar erop.

Communicatie
Voor de communicatie en reclame werden diverse middelen ontwikkeld. Wekelijks viel bij de klant de Spar Krant in de bus, rondgebracht door de actieve kruideniers. Deze werd centraal geregeld maar per rayon konden de voordeelbonnen ofwel aanbiedingen verschillen. Ook kon de winkelier op een lege ruimte zijn eigen stempel zetten. Daarnaast bevatte de Krant diverse rubrieken, een feuilleton, recepten, handwerkpatronen en raadgevingen over opvoeding en huishouden. Oom Henk beantwoordde alle vragen van de jeugd, die wekelijks de avonturen van Sparjongen Pé kon volgen.
Kruideniers kregen van hun grossier de Weekberichten, die op hun beurt dagelijks Bulletins van de SparCentrale ontvingen. Vanaf maart 1936 viel bij de winkeliers de Sparketting in de bus, een soort maandelijks handboek waarin ze werden opgevoed tot Sparwinkeliers. Kernwoorden waren daarbij winkel en vakbekwaamheid. De nadruk werd gelegd op een voorgevel met Sparnaam- en logo. Cursussen etaleren en lakschrijven verschenen jarenlang en in artikelen werd gehamerd op het verspreiden van de SparKrant en hoe de klant benaderd moest worden. Inzicht in het eigen bedrijf was natuurlijk slechts mogelijk met een goede boekhouding. De SparCentrale kwam vanaf 1938 zelfs met haar eigen boekhoudbureau.

Koning, keizer, …
Het aantal takken aan de Sparreboom groeide tot 1939 uit tot zo'n 2200 stuks, inclusief aspirantleden. Het bleven echter zelfstandige winkeliers die een groot deel van hun inkopen buiten de Spar bleven doen; in 1934 zou dat percentage boven de 90% hebben gelegen. Toch steeg de omzet van de gezamenlijke grossiers van fl. 6,67 miljoen in 1935 naar fl. 7,7 miljoen drie jaar later, en dat in een periode van economische malaise. Het leek een jaar later erger te worden. Met de Duitse inval in Polen begon de Tweede Wereldoorlog. Nederland dacht neutraal te blijven, net als in de Eerste Wereldoorlog, maar er werd wel een uitgebreid distributiesysteem opgezet, die na de bezetting in mei 1940 werd vervolmaakt. Koning Klant verdween, de winkelier werd keizer. De zelfstandige winkelier was daarbij in het voordeel boven de centraal geleide filiaalchef van het grootwinkelbedrijf. Hij kon zijn winkeldochters opruimen, had grotere voorraden en wist overal goederen te regelen en te ritselen. De consument wilde - het liefst in de buurt- zo veel mogelijk kopen en de prachtige verder weg gelegen winkel en reclame van het grootwinkelbedrijf deden er niet meer zo toe.

Oorlog
Tussen 1938 en 1943 steeg de omzet van De Spar met 70%. Dit wilde niet zeggen dat de SparCentrale achterover kon leunen. Fabrikanten leverden liever kleine partijen en waren weer afhankelijk van grondstoffentoewijzingen. Veel surrogaten kwamen op de markt om de kooplust te bevredigen, maar deze moesten continue worden gecontroleerd op kwaliteit. Importen kostten veel hoofdbrekens. Daarnaast nam het aantal (overheids)organen toe, die tot vele vergaderingen leidden. Zoveel mogelijk werd nog getracht reclame te maken voor De Spar, ook toen onder meer de Sparketting en Krant wegens papierschaarste het veld moesten ruimen. De grossiers hadden het ook buiten de inkoop zwaar. Hun auto's werden gevorderd, paard en wagen hadden slechts een actieradius van 20 kilometer per dag. Daardoor kon een aantal klanten slecht of helemaal niet meer bevoorraad worden. In januari 1944 brandden twee loodsen bij Van Well af, waarbij alle paarden omkwamen. Een geallieerd bombardement legde het bedrijf van H. Holland te Roosendaal in puin en ook een aantal winkeliers leed oorlogsschade.

Wederopbouw
Ook na de bevrijding in mei 1945 bleef de distributie bestaan en werd heel langzaam afgebouwd om de economie in het gareel te houden. Het aantal Sparkruideniers was door problemen met bevoorrading en natuurlijke sanering achteruitgegaan: in 1947 waren er 1439 leden. Deze winkeliers waren echter sterker uit de oorlog gekomen dan het grootwinkelbedrijf, maar de SparCentrale benadrukte telkens weer dat de zelfstandige ondernemers hun mouwen moesten opstropen voor de consument die langzaam weer Koning Klant werd. Reclame, sparzegels en kwalitatief personeel moesten de klant ook in de toekomst binden. Die toekomst zag er rooskleurig uit. Zelfs internationaal werd De Spar opgericht. Maar de moderne tijd met haar vele veranderingen kondigde zich aan. Niet voor niets kreeg oprichter Adriaan van Well bij het 20-jarig bestaan van De Spar een heuse televisie aangeboden!

Slopen en bouwen
De Spar Zoetermeer groeide zo hard dat het terrein achter Dorpsstraat 178 veel te klein werd. De vrachtwagens werden almaar groter en konden de draai in de poort bijna niet meer maken. Rond 1970 lukte het niet om in Zoetermeer een geschikte plaats te vinden, in Zevenhuizen bleek dat geen probleem. Drie jaar later werd daar een voor die tijd enorm pakhuis in bedrijf genomen van 5500 m2. De Van Well-distributiecentra van Zoetermeer, Loosduinen en Rotterdam werden daarin ondergebracht. In Zoetermeer verdwenen in 1975 de oude pakhuizen en de woonhuizen met voormalige winkel aan de Dorpsstraat, na vele jaren touwtrekken met de gemeente. Uiteindelijk mocht een grote nieuwe Sparsupermarkt met parkeerterrein op de oude plek worden gebouwd, die een jaar later op 23 juni door wethouder A. Nagtegaal feestelijk werd geopend. Ook deze verhuisde weer, nu naar winkelcentrum De Vlieger in Rokkeveen, en het winkelpand werd opnieuw gesloopt. Na wederom jaren van overleg is anno 2006 de eerste paal de grond in gegaan voor de bouw van een complex van winkels met woningen: de nieuwe oostpoort van de Dorpsstraat aan het Lagereinde. Er was zelfs even sprake van dat in een van de winkels een Spar zou worden gevestigd.

Fusie grossiers
Rond 1960 behoorde Spar tot de grootste levensmiddelenorganisaties in Nederland met een marktaandeel van ruim 13%. Hoewel de meeste grossiers succesvol waren in hun marktgebied en profiteerden van de toenemende welvaart, onderkende men niet tijdig de noodzaak om de krachten te bundelen en op nationaal niveau intensief met elkaar samen te werken, om zo een tegenwicht te kunnen vormen tegen het oprukkende winkelbedrijf. Een mooi voorbeeld waarbij een dergelijke samenwerking wel is geslaagd en tot zeer grote successen heeft geleid is Spar Oostenrijk.
De oorspronkelijke 14 Spargrossiers waren typische familiebedrijven, waarbij de mate van professionaliteit nogal eens te wensen overliet. In de jaren 1970 kwam derhalve een proces op gang, waarbij mindere succesvolle Spargrossiers werden overgenomen door hun meer succesvolle collega grossiers. Kenmerkend van de Sparorganisatie in die tijd was, dat een Spargrossier uitsluitend Sparafnemers mocht bedienen in zijn eigen rayon. Expansie binnen Spar was dan ook uitsluitend mogelijk door overname van collega Spargrossiers. Dit proces van consolidatie leidde in de jaren 1980 tot drie Sparblokken, VDB Verenigde Distributiebedrijven B.V. in Den Bosch met 8 Spargrossiers, de firma van Well in Zevenhuizen met vier Spargrossiers en de firma Van Silfhout te Amersfoort. Hoewel de gedachte reëel lijkt te veronderstellen dat samenwerking tussen drie partners gemakkelijker is dan een landelijke samenwerking met 14 partners, bleek het tegendeel waar. De Spar was in de jaren 1980 dermate gepolitiseerd, met name tussen de twee grote machtsblokken, dat samenwerken op landelijk niveau beperkt bleef tot het meest noodzakelijke: het Spar eigenmerk, het Spar zegelsysteem, nationale reclamevoering en de internationale contacten. Een bijkomend gevolg van deze polarisatie en schaalvergroting was, dat de twee grote Spargrossiers alle noodzakelijke kennis zelf in huis haalden, en de werkzaamheden van de Spar Centrale steeds verder werden uitgehold.

Verschillende bedrijfsculturen
Medio 1985 verwierf Schuitema N.V., een grote concurrent voor de Spar in de markt en zeer succesvol met haar formule C1000, de aandelen van Spargrossier Van Well te Zevenhuizen. In 1987 verkocht Van Silfhout zijn Spargrossierderij aan de tweede grote concurrent van Spar, Unigro te Houten, welke organisatie destijds succesvol was met een aantal aansprekende marktformules. In 1989 verwierf datzelfde Unigro ook de aandelen van Verenigde Distributiebedrijven (VDB) in Den Bosch.
Begin jaren 1990 was derhalve de bizarre situatie ontstaan, dat de aandelen van de B.V. Spar Centrale voor 100% in handen waren gekomen van haar twee grootste concurrenten. Een complicerende factor was daarbij nog, dat beide bedrijven Schuitema en Unigro niet bereid of in staat waren om ook maar op een of andere wijze samen te werken, laat staan binnen de nationale Sparorganisatie. Beide partijen lagen voortdurend met elkaar overhoop in een aantal geruchtmakende processen over de onderlinge aandelenverhoudingen. Ook waren de twee bedrijfsculturen totaal verschillend.

Spar heeft afgedaan
Dat deze situatie negatieve gevolgen had voor de ontwikkeling van de Sparorganisatie, laat zich raden. Beide overnemende partijen bouwden de grote Sparvestigingen in een hoog tempo om tot hun eigen marktformules, voor Spar resteerde slechts de kleinere en meer onrendabele vestigingen. In 1999 bereikte Spar het absolute dieptepunt met maar 160 Sparvestigingen in Nederland. Voor het voortbestaan van Spar diende ernstig te worden gevreesd. Aangezien Schuitema geen enkele Sparvestiging meer bezat, droeg zij in de jaren 1990 haar 30% belang in de B.V. Spar Centrale over aan Unigro, zodat de Sparorganisatie voor het eerst in haar bestaan één eigenaar had. Als gevolg van een grote fusie tussen Unigro en Vendex Food eind jaren 1990 ontstond de tweede levensmiddelenorganisatie van Nederland, na Albert Heijn. Die fusieorganisatie werd vervolgens getransformeerd tot het Laurus-concern. In 2001 besloot Laurus tot een drastische strategische wijziging, waarbij alle kleinere vestigingen werden afgestoten en Laurus nog uitsluitend door zou gaan met haar grootste formule, Konmar. De ronduit amateuristisch aandoende wijze waarop deze transformatie werd doorgevoerd, heeft bijna tot het faillissement van Laurus geleid en tot de overname door het Franse Casino.

Veilig onder de vleugels van Sperwer
Nadat het bestuur van de Spar Detaillistenvereniging en het Spar Management op de hoogte waren gesteld van de voorgenomen verkoop van Spar in 2001, werd de Sparorganisatie verkoop klaar gemaakt en verzelfstandigd binnen de Laurusorganisatie. Bij de verkoop van Spar deed zich echter de curieuze situatie voor, dat in de individuele contracten tussen de Sparondernemers enerzijds en de Sparorganisatie anderzijds, een bepaling was opgenomen, waarbij de gezamenlijke Spardetaillisten de Sparorganisatie als eerste konden verwerven. Aan de hand van volmachten van nagenoeg alle Sparondernemers heeft de secretaris van de Spar Detaillistenvereniging, drs. W. van Woerden, onderhandelingen gevoerd met een aantal partijen die in Spar waren geïnteresseerd. Dankzij dit voorkeursrecht werden de aandelen van Spar begin 2002 verkocht aan de Sperwerorganisatie in De Bilt, een coöperatieve vereniging die samenwerkt met uitsluitend zelfstandige ondernemers, de grotere onder de Plusformule en de kleinere onder de Garantformule. Tevens werd bedongen dat de Spardetaillisten gezamenlijk 10% van de aandelen in Spar Holding konden verwerven. De aansluiting daarmee tot de grootste inkoopcombinatie van Nederland, Super Unie te Beesd, vormde de belangrijkste reden voor aansluiting bij de Sperwergroep, naast het feit dat met Sperwer goede afspraken omtrent de zelfstandigheid van Spar binnen de Sperwerorganisatie konden worden gemaakt. En ook de bedrijfsculturen van beide organisaties sloten naadloos op elkaar aan.

Marktleider
Sindsdien is Spar weer zeer succesvol op de Nederlandse markt. De zestig Garantmarkten werden omgebouwd tot Spar, twee nieuwe moderne distributiecentra werden geopend in Zevenbergen en Alkmaar en op dit moment levert Spar weer aan circa 320 zelfstandige Sparondernemers. Met name de laatste jaren werden talloze innovaties op allerlei terreinen doorgevoerd en werd gestart met de ombouw van alle Sparwinkels op een nieuwe, aansprekende Sparformule. Spar is inmiddels met afstand marktleider in haar segment van kleinere en middelgrote supermarkten in Nederland en staat weer volop op de kaart.

Internationaal
Het succes van Spar Nederland bleef ook in het buitenland niet onopgemerkt. Onder de bezielende leiding van de heren A. van Well en C. Willems Floet werden talloze delegaties vanuit het buitenland in Nederland ontvangen. Dit leidde ertoe dat in 1947 de Belgische organisatie werd opgericht, in 1953 Spar Duitsland, in 1954 Denemarken en Oostenrijk en zo verder. Aangezien de internationale expansie onmogelijk meer vanuit de Nederlandse Sparorganisatie plaats kon vinden, werd in 1954 de Internationale Spar Centrale opgericht in Amsterdam. Deze is nog steeds gevestigd aan het Rokin. De internationale ontwikkeling mag ronduit stormachtig worden genoemd, en heeft geleid tot de situatie waarbij begin 2007 circa 15.000 Sparondernemers ter wereld zijn aangesloten in 35 landen, met een consumentenomzet van ongeveer 29 miljard Euro.

 

Anna van Well in haar Sparwinkel aan de Haagse Regentesselaan in het midden van de jaren 1930. Foto: Spararchief Gemeentearchief Zoetermeer

  Een klantenboekje van de Spar in 1967. Foto: collectie Historisch Genootschap Oud Soetermeer
     
 
Afbeelding van een doosje Spar-lucifers. Foto: Ruurd Berendes   Reclamecampagne via de verhalen van Fiedelflier, circa 1948
     
 
Sparlogo jaren 1930   Huidig Sparlogo
     
 
In de jaren 1930 waren er onder het huismerk Spar diverse soorten zeep te verkrijgen. Foto: collectie Gemeentearchief Zoetermeer   De Spar beloofde kwaliteit en een gratis zegel bij elk kwartje aan boodschappen. Foto: collectie Gemeentearchief Zoetermeer
     
 
De Spar is in 35 landen terug te vinden, ook in het Oostenrijkse Wenen in 2006. Foto: collectie Historisch Genootschap Oud Soetermeer / H. Windmeijer   Het kruideniersgezin Klos poseert in 1952 trots achter de toonbank van de verbouwde Sparwinkel aan de Zoetermeerse Stationsstraat 101. Foto: collectie Historisch Genootschap Oud
     
 
In december 1987 was dit Spar-filiaal in Voorhout nog actief. Foto: Ruurd Berendes  

Het laatste filiaal van Spar in Delft, aan de Beethovenlaan, werd op 1 juli 1991 gesloopt. Hier vestigde zich een sportschool. Foto: Ruurd Berendes

naar boven