N.V. Rotterdamse Tramweg Maatschappij

deel 4 Autobusdiensten

Titel: N.V. Rotterdamsche Tramweg Maatschappij, deel 4 Autobusdiensten
Auteur: Bas van der Heiden
ISBN: 90-978-5534-295-2
Uitgeverij: Deboektant, verschenen 25 oktober 2015 - www.deboektant.nl
Omvang: 96 pagina's, A4 formaat, gebonden in harde kaft
Illustraties: ± 225 in zwart-wit
Prijs: € 29,95

Dit laatste deel in een serie boeken over de Rotterdamse tramwegmaatschappij gaat het over de Autobusdiensten. Deel 1 is inmiddels uitverkocht. Daarom recenseren we de serie vanaf deel 2. De R.T.M. was een van de oudste tramwegmaatschappijen in ons land. Op 12 november 1878 werd zij opgericht en zou als busbedrijf eindigen in 1978 bij de fusie met Z.W.N.

De R.T.M. hield zich aanvankelijk bezig met het tramvervoer van Rotterdam, en wel met de bekende paardentram. In 1882 verscheen de eerste stoomtram in de stad die de verbinding tussen Delfshaven en Schiedam onderhield. In 1904 werden de Rotterdamse lijnen overgedragen aan de R.E.T. en ging R.T.M zich bezighouden met de aanleg van stoomtramlijnen op de Zuid-Hollandse en Noordelijk-Zeeuwse lijnen. In vlug tempo volgde uitbreiding van lijnen maar ook van veren. Op 18 juli 1923 opende de R.T.M. haar eerste autobusdienst van Goidschalxoord en Heinenoord naar het tramstation Blaaksedijk.


Vanaf medio 1922 rezen particuliere autobusdiensten als paddenstoelen uit de grond, in de hoop de ver van tram- of spoorwegen gelegen plaatsen uit hun isolement te halen. Doordat de bussen goedkoop waren en zich makkelijk konden aanpassen aan het vervoersaanbod kon het succes niet uitblijven. Hierdoor werden deze busbedrijven een geduchte concurrent van de tramlijnen der R.T.M., iets wat voor de directie niet onopgemerkt bleef. Omdat de ontvangsten bij de R.T.M. terugliepen werd besloten ook busdiensten te gaan inzetten.

Tot de tweede wereldoorlog werden diverse buslijnen in dienst gesteld. Tramdiensten werden vervangen door autobusdiensten. Na de bevrijding bleken de meeste bussen van de R.T.M. verdwenen te zijn. Door de aanschaf van Bellenwagens kon het leed enigszins opgevangen worden. Vele typen bussen zouden de komende jaren in dienst komen. Vanaf de '50-er jaren begon de R.T.M. de voertuigen te voorzien van afbeeldingen van vogels, dieren en bloemen. Dit maakt het R.T.M wagenpark uniek. Het idee kwam van de directeur, de heer van Zuylen die een groot liefhebber was van flora en fauna. Voor het schilderen van de afbeeldingen had de R.T.M. een schilder in dienst. De eerste bus die werd voorzien van een afbeelding was de RTM 30, een Guy Arab die de naam Rietbok kreeg. De laatste bus die een naam kreeg was Leyland 107, Grasklokje. Deze bus werd aangeschaft in 1977.

Vanaf 1954, het geboortejaar van uw recensent begon de R.T.M. haar wagenpark te standaardiseren door hoofdzakelijk Magirus-Deutz bussen te kopen. Vanaf 1964 kwam de populaire en zoals later zou blijken ijzersterke Leylandbus het wagenpark versterken. Door de Deltawerken verschenen bruggen en dammen in het gebied van de R.T.M. Hierdoor verschenen ook weer nieuwe buslijnen. Op 14 februari 1966 reed de laatste tram bij de R.T.M. en hield R.T.M. op een trambedrijf te zijn. Nieuwe autobussen en snelle autobusdiensten kwamen.

Zoals ook de andere delen uit deze serie heeft auteur van der Heiden niet de pretentie compleet te zijn. Verwacht dan ook geen wagenparklijsten of een overzicht van de dierennamen waarmee de bussen van de R.T.M getooid waren. De nu verschenen uitgave is een fotoboek dat de lezer een indruk wil geven van de ontwikkelingen van het busbedrijf der R.T.M. Gestart wordt in 1923 waar we een kijkje nemen op het tramstation Blaaksedijk waar we twee Mercedes-Daimler autobussen ontwaren uit de serie 51-58. Vervolgens maken we een reis door de tijd waarbij wij, naast de vele autobussen van R.T.M. ook ontmoetingen hebben met samenwerkende busbedrijven als Vermaat en van Oeveren. Naast vele zwart-witfoto's van het bus materieel ontmoeten we af en toe ook een tram of bus van een collega-busbedrijf zoals BBA of RET.

Naast de bus foto's is het boek royaal voorzien van afbeeldingen van plaatsbewijzen, dienstregelingen, advertenties en krantenartikelen. In 1978 was het afgelopen en ging de R.T.M. op in de fusie naar N.V. Streekvervoer Zuid-West-Nederland, het huidige Connexxion. Hierna werden nieuw aangeschafte bussen niet meer voorzien van een naam en afbeelding. Hiermee werd een tijdperk afgesloten. Met de verschijning van deel 4 is het complete verhaal van de R.T.M. verteld. Liefhebbers van dit multifunctionele vervoersbedrijf hebben met de 4 boekwerken een goed overzicht van het vervoer rondom Rotterdam en de eilanden in de periode voor Z.W.N.

Ruurd Berendes
Boekrecensies

Hieronder enkele foto's uit eigen verzameling


De laatste RTM-bus was de 107, Grasklokje. Op 4 april 1998 vond Ruurd Berendes de bus terug bij een rijschool in Ochten als leslokaal. De bus is inmiddels overgegaan in particuliere handen en gerestaureerd tot museumbus.


RTM 87 was een klein Daf busje, gebouwd door Verheul. Op 15 maart 1997 poseert de bus aan de garage Sluisjesdijk van de RET en is in revisie tot museumbus. Foto: Ruurd Berendes.


De ex RTM 2262 kreeg een nieuw leven in het safaripark Beekse Bergen. Deze Leyland werd door het safaripark verbouwd tot rijdend leslokaal. De bus was altijd nog herkenbaar aan het typische RTM meubilair in twee kleuren, grijs en rood. Helaas werd de wagen na een lang werkzaam leven gesloopt. Op de foto de bus nog in dienst op 9 november 1993. Foto Ruurd: Berendes.

naar boven