Bijzondere Autokerkhoven

Verloren lusthoven?

Titel: Bijzondere autokerkhoven
Auteur: Ard op de Weegh - Arnoud op de Weegh
ISBN: 978 90 6013 243 2
Uitgeverij: De Alk bv - verschenen oktober 2011 - www.alk.nl
Omvang: 160 pagina's, A4 formaat, harde kaft
Illustraties: meer dan 100 foto's in kleur
Prijs: € 29,90

Van de Alk ontvingen wij een boek over een onderwerp dat volgens mij nog niet eerder in boekvorm verschenen is: Autokerkhoven. Als men over autokerkhoven spreekt dan denken de meeste mensen aan de "sloop". Dat zijn echter autosloperijen. Autokerkhoven zijn echter vrijplaatsen waar rustende, roestige schoonheden hun laatste rustplaats vinden en geduldig wachten op hun onafwendbare einde. Deze lustoorden geven een prachtige en onvoorspelbare symbiose te zien van het spel, dat de natuur met de auto's in verval en ontbinding doet. Het zijn prachtige vrijplaatsen geworden, waar een schat aan autohistorie ligt opgeslagen. Het zijn zeker plaatsen, die de moeite waard zijn om ze te bezoeken.

Tot voor enige jaren werden deze plaatsen met rust gelaten, totdat milieufanatici bedachten, dat deze plaatsen wel eens belastend voor het milieu zouden kunnen zijn. Gevolg was, dat het ene na het andere oudere autokerkhof geruimd moest worden, voordat er überhaupt bewezen was, dat deze vrijplaatsen echt milieubelastend waren. Dit boek tracht hier een antwoord op te geven en tevens wil dit boek de schoonheid van de nog bestaande autokerkhoven laten zien.


Auto-, vrachtauto- en bus sloperijen, maar ook sloperijen waar trams en treinen hun einde vinden hebben altijd een enorme aantrekkingskracht op hobbyisten. Je moet een keer op een sloperij hebben vertoefd om dit gevoel te kunnen begrijpen en beschrijven. Vaak wordt geen toestemming verleend het terrein te betreden, voortgekomen uit ervaring van diefstal van bezoekers, die graag een souvenir meenemen uit de afgedankte voertuigen, of in het geval van openbaar vervoer-sloperijen in de weg lopen en een gevaar vormen voor de werkende slopers. Maar krijg je die toestemming dan wel, dan maakt zich een gevoel van spanning meester over de bezoeker en kom je vaak ogen te kort om al het moois te bekijken en op de gevoelige plaat vast te leggen.

Helaas blijft tegenwoordig sloopmateriaal nauwelijks bewaard, binnen enkele dagen is het ingeleverde voertuig ontmanteld en tot schroot verwerkt. Dat was vroeger anders. Ik ken nog de sloperijen in o.a. Hollandse Rading en Soest, waar voertuigen lagen die ik zelfs in mijn jeugd nooit werkend op straat had gezien, zo lang lagen ze hier al weg te roesten. Als je voor Dirk de Ridder in Soest een portie kip of een lekker flesje meebracht zwaaide het hek open en mocht je je uitleven op het terrein. Vaak was het dan een puzzel welk voertuig het betrof, soms was zelfs het merk nauwelijks meer te raden. In een oude VAD-bus groeide een boom door de vloer en van een DKW stond alleen de bodemplaat nog overeind met vier velgen.

Het nu uitgekomen boek over autokerkhoven geeft een prachtig beeld van hetgeen ik hierboven schetste. Critici zullen stellen dat het boek wellicht wat saai is door het eenzijdige onderwerp, ik ben het daar absoluut niet mee eens. Naast foto's van bossen vol autowrakken, overwoekerd door moeder natuur, staan er ook veel detailfoto's in het boek, een stuur met claxonring, een gemerkte wieldop of claxondop, een ingezoomd embleem op een grill, of een door de tand des tijds aangevreten dashboard waar de klokken al jaren geleden zijn opgehouden hun waarden aan te geven. De samenstellers van het boek moesten voor hun reportages naar het buitenland. In Nederland zijn dergelijk kerkhoven al lang geruimd. De huidige sloperijen hebben we een voorraad slopers, maar dit zijn modellen van de laatste 20 jaar, waaraan, als er wat onderdelen vanaf zijn gesloopt, al snel geen merk meer te herkennen is door de eenheidsworst die de huidige modellen helaas zijn geworden. Anders is het met de '60-er jarenmodellen op de vier kerkhoven die door de auteurs zijn bezocht: een Kever herken je al als je alleen het achterruitje met luchtsleuven ziet. De Panhard valt direct op door zijn ronde vormen, en de Ford Anglia Prefect is van verre herkenbaar door zijn koplampen in de vorm van huil-ogen.

Wat de natuur geeft neemt zij ook weer terug. Bij het bestuderen van de langzaam ontbindende voertuigen dwalen je gedachten af: ooit was dit wrak de trots van vader, gekocht van zijn moeizaam verkregen spaargeld en gekoesterd als een vrouw. Op zaterdag mocht zoonlief de auto wassen voor een gulden waarna het voertuig er weer blinkend uit zag. Soms is een auto verwoest door een ongeval. Bij het zien van de schade vraag je je af of de eigenaar er zonder kleerscheuren van af is gekomen of met zijn voertuig ten onder is gegaan.

Naast auto's met duidelijk Amerikaanse invloeden zoals vleugels en de bekende chromen grill van de Opel Rekord, zien we ook veel van de z.g. Kleinauto's, de BMW, Messerschmidt en Austin die na te zijn afgedankt weg zijn gezet, waarna moeder natuur haar grondstoffen weer sluipend, maar gestaag opslurpt. Twee van de, in het boek behandelde kerkhoven zijn inmiddels geruimd, die van Kaufdorf en Chatillon. Bastnas bestaat nog. In Erkrath , een buitenwijk van Düsseldorf heeft een kunstenaar in het jaar 2000 ter gelegenheid van zijn 50e verjaardag 50 auto's uit de jaren '50 gekocht en deze als kunstwerk in zijn tuin gezet. Omdat deze auto's zijn ontdaan van alle schadelijke materialen mogen zij blijven staan tot de natuur zich volledig over de eens zo trotse bolides heeft ontfermd.

Naast de voornoemde bezoeken aan de vier autokerkhoven heeft de auteur ook een inventarislijst opgenomen van de aanwezige voertuigen. Omdat lang niet alle foto's voorzien zijn van onderschriften blijft het in vele gevallen een raadsel om welk voertuig het ooit ging, en dat is wellicht een gemiste kans. Maar dat is dan ook het enige puntje van kritiek, ik vond dit boek een van de meest interessante die ik dit jaar als recensie kreeg aangeboden. Ik hoop dan ook dat er nog eens een dergelijk boek zal verschijnen over de sloop van openbaar vervoermaterieel. Ook daar is voldoende materiaal van voorhanden dankzij sloperijen als Koek Mijdrecht, Pametex Den Haag, Leeman in Made, CAB en Vianen in Leimuiden. Prachtige beelden, die herinneringen oproepen en een mens aan het denken zetten.

Ruurd Berendes
Boekenoverzicht

Hierna volgen nog een aantal foto's, gemaakt door Ruurd Berendes. Deze komen niet voor in het boek.


Diverse auto's op sloperij Malta, 06-07-1996


Diverse auto's op sloperij Malta, 06-07-1996


Opel Rekord op sloperij Malta 07-07-1996


Opel Olympia Rekord, sloperij Hollandse Rading, 24-08-1985


Opel Rekord, Baat Oostende 24-11-1990


Opel Olympia Caravan 1953, Hollandse Rading 24-08-1985

Naar boven